De productie
De grondstoffen van (float)glas zijn; zand SiO (ca 70 %), kalk CaO (ca. 10%) en soda
NaO (ca. 15 %). Per fabrikant kunnen de percentages iets verschillen.
Verder kunnen
hier diverse andere grondstoffen aan worden. Uit oogpunt van energie besparing worden
glasscherven toegevoegd. De scherven hoeven slechts week gemaakt te worden. Deze
glasscherven mogen geen enkele verontreiniging bevatten, zoals gekleurd, gelaagd
of gecoat glas.
De floatoven is een vol continue proces. De gemengde grondstoffen
worden in de kop van de oven gestort en vervolgens loopt ca. 600 ton glas per dag
van de band.
De kop van de oven is ongeveer 1500 graden C. en wordt verder opgestookt tot 1600
graden. Een gemiddelde glasoven bevat ongeveer 1500 ton vloeibaar glas. Vlak voor
de "overflow" is de temperatuur altijd nog ca. 1000 graden. Vervolgens wordt deze
hete massa uitgegoten over een tinbad, het glas blijft hierop drijven (floating).
Dit Tin-
De temperatuur van het glaslint wordt door koeltunnels verder terug gebracht. Na
het verlaten van de koeltunnels wordt het glas optisch gecontroleerd. Hierna worden
de randen afgesneden op een breedte van 3210 mm, het voortbewegende lint wordt op
bladen van 6000 mm (PLF’s) gesneden.
De PLF's waarin onregelmatigheden in zijn geconstateerd
worden als glasscherven hergebruikt.
Aan het eind van de band worden de PLF's automatisch
op portoirs gezet.
